Het museum laat de bezoeker kennis maken met het wonen, werken en leven van de Kempische mens in de periode 1850-1950.
Op de schrale zandgrond in de Kempen was het voor de boeren moeilijk om de kost te verdienen; men was voor de bemesting aangewezen op wat het vee produceerde. Mede daardoor hoorde dit gebied tot de armste delen van Nederland.
Het woongedeelte van de boerderij is ingericht zoals gebruikelijk was in de jaren dertig van de 19de eeuw. Veel heiligenbeelden en schilderijen getuigen van een diep geloof van de Kempenaren.
In de vroegere koeienstal van de boerderij worden regelmatig wisseltentoonstellingen gehouden. Het museum beschikt hiervoor o.a. over een uitgebreide verzameling Brabantse textiel.
Er wordt ook uitgebreid aandacht besteed aan de sigarenindustrie die erg belangrijk geweest is voor de streek.
In de binnenschuur is een gedeelte ingericht waar de gebruiksvoorwerpen te vinden zijn die nodig waren voor het huishouden. In de grote buitenschuur is een verzameling van vooral handgereedschap dat de boer moest helpen zonder de hulp van machines het land te bewerken, er zijn werkplaatsen ingericht om verschillende beroepen zoals die van klompenmaker,timmerman,wagenmaker,smid en kuiper uit te beelden.
Ook het buitengebeuren is voor de bezoeker zeer de moeite waard. Er is een oude boomgaard met dikwijls niet meer geteelde fruitsoorten. Een ouderwetse bloemenhof, een moestuin en een veld met oude landbouwgewassen. Heel uniek is de prachtige kruidentuin,met de kruiden ingericht naar het gebruik.
Het museum beschikt over een aantal oude volksspelen. Buiten is er o.a. een beugel-en een kegelbaan. Binnen in het speulhuis zijn vooral de kleinere spelen opgesteld.
In het leuke museumwinkeltje kan men ook de sfeer proeven van de Kempen en van het museum.